Martine van Wolfswinkel

Altijd onderweg – Gedachten over het goede leven


Book challenge 2020

Januari vorig jaar nam ik mij voor om twintig boeken te lezen in 2020. Dat is me bijna gelukt, maar net niet helemaal. De teller bleef steken bij achtien. Ach, een groot lezer ben ik blijkbaar niet, maar ik heb genoten van (bijna) elk boek. Wat ik lees houd ik bij in de Goodreads app. Daarin kun je jezelf een Reading Challenge stellen en wordt bijhouden of je nog ‘on track’ bent. Ondanks dat ik in 2020 mijn doel niet gehaald heb, vond ik het wel mooi om mij voor 2021 voor te nemen eenentwintig boeken te lezen. Nieuwe ronde, nieuwe kansen. Maar nu eerst: de boeken die ik las in 2020.

Het waren twaalf romans en zes non-fictie boeken. Van de romans die ik las vond ik Zwarte Schuur van Oek de Jong het mooist. Wat een leesavontuur was dat! Zeer terecht genomineerd voor de Libris Literatuur prijs. Ook heb ik erg genoten van Autumn en Winter van Ali Smith. Spring las ik al in 2019 en Summer hoop ik dit jaar te lezen – zodra de bibliotheken weer open gaan. Net als vele anderen las ik ook The Testaments van Margaret Atwood en daarna ook maar meteen The Handmaids Tale. Wat een wonderlijke wereld wordt er in die boeken geschetst. Tegelijk een wereld die soms heel dichtbij de echte wereld lijkt te komen. Een angstaanjagende gedachte.

Nu ik erover nadenk, heb ik toch ook boeken gelezen die ik helemaal niet zo geweldig vond. Zoals bijvoorbeeld het alom bejubelde De avond is ongemak, waarmee Marieke Lucas Rijneveld nota bene de International Booker Prize won. Ik vond het vreselijk. Traag verhaal, vervreemdend, dicht op de huid beschreven gebeurtenissen die toch op afstand blijven. Ik kan me vergissen, maar de beschrijvingen van de geloofswereld leken mij ook niet altijd te kloppen. Haar nieuwste boek laat ik dan ook graag ongelezen. Ik waagde mij ook aan Serotonine van Michel Houellebecq. Tja. Naar verhaal eigenlijk, over een nare man. Ik was niet onder de indruk.

Ergens halverwege het jaar ben ik overgestapt op luisterboeken. Voordeel daarvan is dat je ze kunt ‘lezen’ terwijl je ergens anders mee bezig bent, zoals tijdens het koken of het ophangen van de was. Zo luisterde ik naar Finse dagen van Herman Koch, naar Uit het leven van een hond van Sander Kollaard (leuk detail: de hond uit het boek is een Kooikerhondje, net als onze pup van 5 maanden) en naar Cliënt E. Busken van Jeroen Brouwers. Ik genoot het meest van Finse dagen.

Na iets te veel tegenvallende romans ben ik een tijdje vooral non-fictie gaan lezen. Dan heb ik toch altijd meer het idee dat ik er iets aan héb. Het stimuleert mijn denken meer direct, en daar hou ik wel van. Een echte ‘hersenkraker’ wat dat betreft is Insurrection van Peter Rollins. Daarin beschrijft hij het gedachtengoed van Radical Theology, waarin twijfel en het afzweren van vaste godsbeelden – die houvast zouden geven – een grote rol spelen. Ik zou het nog eens moeten lezen, want ik kan het nu al niet meer navertellen. Ik weet wel dat ik erg onder de indruk was en me in veel van zijn ideeën kon vinden. Van een heel andere orde, maar niet minder lezenswaardig: Een beter milieu begint niet bij jezelf van Jaap Tielbeke. Een prikkelende titel en dito inhoud. Tielbeke bedoelt niet te zeggen dat wat wij zelf doen er niet toe doet, maar wel dat het zonder regulering en wetgeving van de overheid niet snel genoeg gaat met het tegengaan van klimaatverandering en het herstel van biodiversiteit. Werk aan de winkel dus voor het nieuwe kabinet!

Kijk hier voor een overzicht van alle boeken die ik las in 2020 op Goodreads.



Plaats een reactie